Vrouwen in verenigingen

Klik voor meer info

Dames bij Fanfare St. Willibrordus

Fanfare St. Willibrordus houdt 23 juni 1909 aan als haar oprichtingsdatum. De plannen voor het in het leven roepen van zo’n muziekvereniging in Stramproy zijn echter veel ouder. En van werkelijk instrumentaal naar buiten treden is pas op het eind van 1910 sprake.
De verschillende bronnen betreffende de oprichting zijn niet altijd duidelijk.
(Bron: website Fanfare St. Willibrordus)

Eind jaren ’50 – begin jaren ’60

Til Vranken heeft destijds gevraagd aan een bestuurslid (Michel Hendrikx) of ze bij de fanfare mocht samen met haar zus An en buurmeisje Mia Aendekerk. Haar broer Thieu en ome Harry speelden bij de fanfare en Til wilde daar ook op een instrument spelen. 

De dames kregen al snel antwoord op de vraag van Til. Ze kregen geen muziekles en geen instrument omdat “meisjes geen lid mochten worden van de fanfare”.

(Bron: gesprek met Mia Versteegen-Aendekerk, Joke Aendekerk (dochter van Til Aendekerk Vranken) en An Camp-Vranken)

1970:  Eerste opleiding voor meisjes

Marleen, Marjo en Ineke van den Berk, Betsy en Ineke Keijers en Claar Peeters, allemaal dochters van fanfaremuzikanten startten de opleiding op een koperinstrument. Ze hebben ook repetities van de fanfare bezocht en meegeblazen. Het was toch niet hun muziek of er waren andere hobby’s die veel tijd kostten en in 1973 zijn de dames gestopt.

(informatie van Claar Peeters in 2009)

25 februari 1970:  Oprichting Damescomité Fanfare Stramproy

Aanvankelijk was het de bedoeling dat hier enkel dames van de bestuursleden zitting in zouden nemen. Na geringe interesse konden ook echtgenotes van spelende leden hier zitting innemen. Doel van dit comité was het moreel en financieel steunen van de fanfare. Hun contributie en thuiswerk voor drukkerij Smeets in Weert leverden een startkapitaal op van 4000 gulden. Er werd veel geld opgehaald door allerlei acties. Maar er waren ook wat strubbelingen, bijvoorbeeld of de vrouwen zelf het nieuwe vaandel mochten aanbieden. Uiteindelijk deed dit de beschermheer, de heer Jan Maes; hij had er zelfs 400 gulden voor over. Maar de voorzitster mocht het vaandel onthullen; met de nodige diplomatie werd dit dus opgelost. (Bron: verslag van Toos Kunnen over Damescomité vanaf oprichting tot 2009)

Bron foto: jubileumboek 100-jarig bestaan fanfare

1976:  Voorstel voor deelname dames in het bestuur

De dames van het damescomité schrijven een brief aan het bestuur met het voorstel om enkele dames zitting te laten nemen in het fanfarebestuur, voor verbetering van de onderlinge samenwerking tussen fanfare en het damescomité. Er kwam geen reactie op dit verzoek. Sterker nog, er moest een heel jaar overheen gaan, een jaar met de nodige discussies over dit onderwerp, alvorens de dames een afwijzend antwoord kregen. Dit gaf een diepe teleurstelling en onbegrip; vier dames zeiden hun lidmaatschap op, waaronder de voorzitster en de ondervoorzitster. Het uitgedunde damescomité organiseerde hierna nog maar weinig activiteiten. Pas in de tweede helft van de jaren tachtig bloeide het damescomité weer op. Het comité organiseerde (en organiseert nog) activiteiten als hobbymarkt, lotto, levende kerststal, verhuur van kronen en rozen. Ook organiseren ze jaarlijkse wandeltocht. Pas midden jaren ’90, bijna twintig jaren later, werden dames lid van het bestuur!
(Bron: verslag van Toos Kunnen over damescomité vanaf oprichting tot 2009)

Bron foto’s: jubileumboek 100-jarig bestaan fanfare

1978 – 1979:  De eerste vrouwelijke musicerende leden in uniform

Anita Brunenberg, Marianne van de Winkel, Beppie van Lier en Hilde Versteegen startten met de muziekopleiding na een oproep in het Blaadje van Stramproy. In 1979 bij het 70-jarig jubileum staan ze in uniform op de foto. In 1980 bleef Hilde alleen over als meisje; meisjes waren vanaf toen welkom. Hilde mocht zelfs een vriendinnetje meenemen naar het Ceciliafeest, zodat ze er niet als enig meisje was.

Hilde Versteegen, ze draagt het eerste vrouwelijk uniform.
Bron: Hilde van Dael
Foto: 70-jarig jubileum fanfare in 1979 met de eerste vrouwelijke leden: Anita Brunenberg, Hilde van Dael, Marianne van de Winkel en Beppie van Lier; bron: Hilde van Dael

Vanaf 1980:  Dochters van ‘de eerste meisjes’ mogen lid worden

Niet veel later kwamen ook Hildes zus Anita en nicht Joke Aendekerk (dochter van Til Vranken die in eind jaren ’50 nog niet wel welkom was) bij de fanfare. Hilde heeft geen probleem ondervonden om als meisje lid te worden van de fanfare. De weg was vrijgemaakt door Til Vranken en de dames van het damescomité. We mochten als dames meedenken over de uniformen en individueel kiezen voor een broek of rok.

Nu:  Het aantal mannen en vrouwen is gelijk

Inmiddels zijn er veel dames bij de fanfare als muzikant en in het bestuur. Van het dames-comité zijn vrouwen van muzikanten lid, maar ook moeders van muzikanten. Het aantal mannen en vrouwen bij de fanfare is gelijk. Er zijn nog geen mannen lid geworden van het damescomité Fanfare St. Willibrordus.

Bronnen:

  • Website fanfare St. Willibrordus Stramproy
  • Verslag van het interview met Hilde van Dael-Versteegen
  • Jubileumboek 100-jarig bestaan fanfare

Jubileumboek 100 jarig bestaan – Fanfare St. Willibrordus Stramproy

Terug naar overzicht

Dames bij de schutterijen

Klik voor meer info

De eerste vrouwelijke (bestuurs-)leden van de schutterij St. Antonius en St. Catharina in Stramproy

Stappen naar maatschappelijk bewustzijn

Toen de schutterijen in het begin van de 14e eeuw ontstonden, was hun doel puur defensief: dorpen beschermen tegen roversbenden of vreemde legers. Dit maakte de schutterij van oudsher een mannenbolwerk. Generaties leerden dat de rollen strikt verdeeld waren: de man droeg het geweer en de vrouw keek toe, poetste het zilver of liep mee als koningin. Vrouwen waren weliswaar actief achter de schermen, maar pas veel later mochten zij lid worden. Vanuit die historische bedding ontwikkelden de vrouwen stap voor stap een eigen stem.

Innerlijke kracht en de schietboom

In het midden van de 19e eeuw verminderde de behoefte aan fysieke beveiliging. Het sociale karakter werd belangrijker met de komst van schuttersfeesten waar schietwedstrijden gehouden werden. In de loop der jaren werden schutterijen uitgebreid met onder andere trommelkorpsen en vendelgroepen. Tijdens de schuttersfeesten vonden er steeds meer wedstrijden rondom diverse onderdelen plaats.

Stramproyer vrouwen namen de ongeschreven wetten niet zomaar aan. Zij zochten o.a. eerst ruimte binnen de nieuwe muziekgroepen, als Marketenster of Zoetelaarster en later namen zij de buks in de hand. Het opeisen van een plek in het officiële zestal en het bestuur zorgde voor persoonlijke groei. Vrouwen verdiepten zich in reglementen en trainden hun trefzekerheid. Die houding vormde de basis voor een kanteling in de cultuur. Zij werden zich bovenal bewust van hun recht om de schutterstraditie zélf actief mee vorm te geven, in plaats van vanaf de zijlijn te applaudisseren.

Voor veel Stramproyer vrouwen was het actieve lidmaatschap meer dan een hobby: het was een stap naar bewustwording, zelfstandigheid en gelijke waardering binnen de schutterij.

Emancipatie: Stramproy versus de landelijke strijd

Wat in Stramproy gebeurde, weerspiegelde de landelijke emancipatieontwikkelingen:

De situatie binnen de schutterscultuur in Limburg en Noord-Brabant:

In 1876 werd het eerste OLS gehouden in Roggel. Pas veel later, in 1937, werd de Federatie van het Oud Limburgs Schuttersfeest opgericht. Het was een onwrikbaar mannenbolwerk. Sinds het eerste treffen in 1876 werd vrouwen verboden mee te schieten in de officiële wedstrijdzestallen. Zelfs toen vrouwen vanaf de jaren zeventig instroomden als Marketentsters, bleef de buks verboden.

Pas na felle debatten zwichtte de federatie definitief in 2002, waardoor vrouwen tijdens het OLS mochten mee schieten voor ‘d’n Um’.

Daarvoor, in 1992 werd in Haelen het allereerste Limburgse Dames Schuttersfeest gehouden.

De Stramproyer realiteit

In Stramproy lag de basis voor vrouwenkracht al in de historie. Van 1472 tot 1486 stond abdis Gertrudis van Sombreff tot Reckheim aan het hoofd van de Abdij van Thorn. Zij had een speciale belangstelling voor het kwartier Stramproede en kwam er vaak. Onder haar gezag kreeg de lokale bescherming vorm: in 1475 werd Schutterij St. Antonius (“de Heier Sjötte”) opgericht en in 1476 Schutterij St. Catharina (“de Dörper Sjötte”).

Gewapend met dit historische besef eisten de ‘Roojer’ vrouwen hun plek op. Vanaf de jaren zestig braken zij het ijs met de introductie van meisjes in drumbands. De muren braken definitief toen vrouwen officieel lid mochten worden en toen de bestuurskamers open gingen: in 2002 kreeg St. Antonius haar eerste vrouwelijke bestuurslid, in 2003 snel gevolgd door St. Catharina.

De kracht van verbinding
De vrouwen streden niet tégen de traditie, maar vóór hun plek erin. Door hun scherpe focus onder de schietboom, hun organisatorische talent en hun stem in de bestuurskamer dwongen zij respect af bij de mannelijke gildebroeders. Zij lieten zien dat de schutterij pas écht de spiegel van de Stramproyer samenleving werd toen man en vrouw zij aan zij stonden.

Hoe die ingrijpende veranderingen in Stramproy tot stand kwamen, kunt u lezen in de interviews van de Roojer schuttersvrouwen:

  • Marijke Beeren-Camp
  • Annie Coenen-Niellissen
  • Annelies Indenkleef-Niellissen
  • Mia Versteegen-Aendekerk
Schutterij St.Antonius. Bron: verenigingsarchief.
Schutterij St.Catharina. Bron: verenigingsarchief.

Schutterij St. Antonius 1475

Interview met Marijke Beeren-Camp (1963)

Marijke is een dochter van ‘Meiese Jan’ en ‘Sjoteles Tilke’. De pap van Marijke was bij ‘de sjutte vanne Hei’. Toen Marijke ongeveer acht jaar was mocht zij bij de drumband. In de jaren tachtig is zij enkele jaren gestopt; nu drumt ze nog steeds.

In 2007 kwam zij als eerste vrouw in het zestal. En dat jaar was het eerste OLS waar zij geschoten heeft.  Dat was in Nederweert.

Zij was in 2008 de eerste vrouwelijke tamboermaître van de schutterij. Ook in de jaren 2009 en 2010 was zij tamboermaître.

Pap was jaren voorzitter van de schutterij.

In 2015 was Marijke koningspaar samen met broer Jack Camp.

Begin 2002 werd Marijke gevraagd om lid te worden van het bestuur. Daarmee werd ze het eerste vrouwelijke bestuurslid van St. Antonius. Eric Kunnen was toen voorzitter. Pap was apetrots dat zijn dochter bestuurslid werd van zijn schutterij. Zij zette zich van 2002 tot 2006, van 2011 tot 2014 en van 2020 tot 2023 in als bestuurslid, waarvan ook een tijd als penningmeester. Er werd goed gereageerd op haar komst in het bestuur. De mannen hadden de overhand in het bestuur. “Af en toe moest je met de vuisten op tafel slaan om te laten horen: nu ben ik aan de beurt om iets te zeggen.” Je moest van goeden huize komen om je verhaal te vertellen en je mening te geven. Er werd wel naar haar geluisterd. Mannen gaan anders met kritiek om dan vrouwen, ze reageren anders als je hen ergens op aanspreekt. Dat was weleens lastig toen ze als enige vrouw in het bestuur zat.

Marijke viel de eer te beurt om als eerste vrouw van de vereniging de ‘Orde van de Edele Eed-Broederschap van de Soevereine Orde van de Rode Leeuw’ te mogen ontvangen in het jaar 2024. Je wordt dan tot ridder geslagen. Dit werd gedaan door de eerste vrouwelijke president van de OLS-federatie, Anoesjka Koopmans.

 Marijke als tamboer-maître
2015  Koningspaar met broer Jack
2024 Marijke Beeren ontvangt de Orde van Edele Eed-Broederschap van de Souvereine Orde van de Rode Leeuw

Bron: Interview door Ely Moors-Koolen, juni 2026

Terug naar overzicht schutterijen

Interview met Annie Coenen-Niellissen (1952)

Annie is ‘ein Maegdje oet de Hei’.

Schutterij St. Antonius bestond alleen uit mannen. Ook trommelen in het trommelkorps was alleen weggelegd voor mannen. Natuurlijk moest er ook gerepeteerd worden.

Bij Annie thuis op de boerderij (‘biej Bakkes Tjeu’ op de Grensweg) hadden ze geen vee meer, dus in de voormalige koeienstal was ruimte genoeg om te oefenen op vrijdagavond.

Als de schutterij op zondag kwam oefenen marcheerden ze naar ‘Grave Driek’ waar toen nog café was. Annie kreeg dan een dubbeltje zondagsgeld, liep achter het trommelkorps aan en kocht dan een klein rolletje dropjes of pepermuntjes en liep ook weer mee terug naar huis. Bij thuiskomst was het rolletje op. Zo is haar liefde voor de schutterij ontstaan.

Ze wilde zo graag mee trommelen en ze oefende, als ze aan het repeteren waren, mee op de keukentafel: “pannekoeke, pannekoeke”, zo leerde ze roffelen.

Haar vader was voorzitter van de schutterij en ze bleef maar zeuren om bij het trommel-korps te mogen. Hierbij kreeg ze de volledige steun van de instructeur, de heer Feller. Hij probeerde vader Nielissen ervan te overtuigen dat hij Annie mee moest laten trommen.  Maar . . . haar vader en het bestuur waren standvastig: ”Gein vroulje biej de sjùtte”.

Annie bleef aandringen, zeuren en door gesprekken met de instructeur ging het bestuur uiteindelijk overstag en mocht Annie bij het trommelkorps. Toen Annie ongeveer negen jaar was mocht ze gaan oefenen met de drumband. Dat was 1961-1962.

Veel meisjes uit de Hei en vriendinnetjes uit ‘ut törp’ gingen bij het trommelkorps. Toen ze 10/11 jaar was mocht ze meedoen met de optocht.

De schutterij was niet rijk. De meisjes kregen nog geen uniform. Zij droegen een blauwe rok, witte bloes, blauw petje en zwarte laarsjes. Later kregen zij een groen uniform.

De meisjes mochten nog geen lid worden. Bij het bereiken van de 16-jarige leeftijd mochten zij officieel lid van het trommelkorps worden.

Tot haar 22ste bleef Annie lid van de drumband.

In 2006 werd de zoetelaars-groep aan de schutterij toegevoegd en Annie werd zoetelaarster. Deze groep is nog steeds met vijf dames actief bij evenementen.

Een zoetelaarster heeft een mandje met een broodje, kaas, worst en een kruikje met drinken. Het waren eigenlijk arbeidersvrouwen. Ze gingen mee met het leger en voorzagen de soldaten van versnaperingen en verkochten waren. Zoetelaarsters zijn de voorlopers van de marketensters. St. Antonius heeft geen marketensters! Deze gingen mee met de hoge heren van het leger. Zij moesten getrouwd zijn met een soldaat met een lagere rang. Zij hadden een tonnetje met drank omhangen en een mandje met stokbrood, kaas en worst. Ook zij verkochten waren.

Als St. Antonius naar een schuttersfeest gaat, vult Annie de mandjes van de zoete-laarsters. Het mandje met eten wordt leeggegeten onder de schietboom. Annie helpt andere verenigingen met het toevoegen van zoetelaarsters en leidt zoetelaarsters op.

Annie is penningmeester van de schutterij geweest en schiet mee in een zestal. Zij heeft tweemaal mogen deelnemen als koningspaar en is nog steeds blij en trots om lid te zijn van Schutterij St. Antonius ‘oet de Hei’.

2018  Koningin Annie Coenen met zoetelaarsters
Zoetelaarsters in de optocht

 Annie als zoetelaarster

Voor al haar vrijwilligerswerk is Annie in 2019 onderscheiden als Lid in de Orde van

Oranje-Nassau. Haar verdiensten vanaf:

  • 1980 vrijwilliger bij Scouting Tungelroy
  • 2000 vrijwilliger ZijActief Stramproy
  • 2007 vrijwilliger en nu ook penningmeester Schutterij St. Antonius
  • 2002 fondsenwerving voor het Rode Kruis
  • 2002 mantelzorger

Bron: Interview door Ely Moors-Koolen, mei 2026

Terug naar overzicht schutterijen

Schutterij St Catharina

Interview over Annelies Indenkleef-Niellissen (1960 – 2025)

Interview met Jack Indenkleef

Annelies was een zeer actief en enthousiast lid en bestuurslid van Schutterij St. Catharina.

Ze heeft geschoten in het zestal van de schutterij van 1999 tot 2023.

Van 1999 tot 2025 was ze marketenster. De marketentstergroep is opgericht naar aanleiding van het 500-jarig jubileum in 1999 van schutterij St. Catharina Stramproy.

Annelies was van 2003 tot 2007 het eerste vrouwelijk bestuurslid van St. Catharina.

Zij ontplooide vele initiatieven en enthousiasmeerde iedereen om mee te helpen bij het realiseren van ideeën of activiteiten. Want ideeën had ze volop.

Annelies heeft meegelopen als koningin in 1999 met koning Jan Kwaspen, met koning Mathieu Stals in 2001 en haar echtgenoot koning Jack Indenkleef in 2010.

Dat Annelies een goede schutter was liet ze voor het eerst zien in 2011. Zij schoot in dat jaar ‘de vogel’ af en werd daardoor de eerste vrouwelijke schutterskoningin van St. Catharina. Zij stond er toen op dat zij zelf alleen zou meelopen als schutterskoningin.

En dat gebeurde ook! Er waren mensen die langs de kant van de weg naar de optocht stonden te kijken en zich even afvroegen hoe het nu zat. Annelies was supertrots!

In 2016 schoot zij ‘de vogel’ voor de tweede keer af en was weer koningin. Opnieuw was ze het stralende middelpunt en de hoogste vertegenwoordiger van de schutterij bij de schuttersfeesten.

2016 Annelies als marketenster tweede van rechts
2016  Annelies wijst de plek aan waar zij het laatste schot heeft geplaatst en ‘de vogel’ afschoot’.
2016  Voorzitter Theo Looijmans en secretaris Peter Segers hangen Annelies het koningszilver om.

Voor al haar vrijwilligerswerk ontving Annelies de onderscheiding Lid in de Orde van Oranje- Nassau op 26 april 2019.

Haar vrijwilligerswerk omvatte:

  • 1975 – 1983  leider Kindervakantiewerk Stramproy
  • 1975 – 1991  scheidsrechter en jurylid Basketball Club Aeternitas
  • 1991 – 2002  vrijwilliger voor de Dorpsraad Stramproy
  • 1982 – 2019  onderwijzeres / vrijwilliger Basisschool St. Willibrordus / De Firtel
  • 1984 – 2019  bestuurslid / instructrice EHBO-vereniging Stramproy-Tungelroy
  • 2000 – 2019  bloeddonor
  • 2003 – 2019  bestuurslid / vrijwilliger Schutterij St. Catharina Stramproy
  • mantelzorger
2016  koningin Annelies met echtgenoot Jack

bron: interview met Jack Indenkleef door Ely Moors-Koolen
informatie: Peter Segers, secretaris St. Catharina
foto’s: Thieu Niellissen

Terug naar overzicht schutterijen

Interview met Mia Versteegen–Aendekerk (1941)

Eind jaren ’90, nadat pap en mam met de koeientak van het bedrijf waren gestopt, wilden ze lid van schutterij St. Catherina Stramproy worden. Pap kon lid worden, maar mam alleen ’tientjes lid’ (ondersteunend lid). Een groot aantal vrouwen die actief waren als muzikant of anders, waren alleen ’tientjesleden’, maar zij wilden volwaardig lid worden van de schutterij. Maar het bestuur was duidelijk: alleen mannen mochten lid worden van de schutterij, dat was altijd zo geweest.

Meerdere malen werd hierover gesproken. Tijdens een schuttersfeest (omstreeks 1999), toen de vrouwen, niet onder, maar achter ‘de boom’ stonden om de mannen aan te moedigen, hebben een tiental dames besloten om hier werk van te maken. Bij de schuttersbond waren er inmiddels een aantal schutterijen waar de vrouwen wel lid mochten worden en ook in gemengde zestallen mee mochten schieten op de schuttersfeesten en niet speciaal in een dameszestal. Dat wilden veel schuttersvrouwen in Stramproy ook en er werd een vergadering belegd door de dames, meteen de dinsdag na het schuttersfeest. Ze schreven een brief naar het bestuur van de schutterij met de boodschap dat ze volwaardig lid wilden worden van de schutterij met stemrecht op vergaderingen. Dat waren de belangrijkste items.

De vrouwen vonden het wel spannend allemaal. Mam (Mia Versteegen) heeft die brief meteen woensdag naar iemand van het bestuur gebracht met de vraag de brief voor te lezen op de najaarsvergadering van de schutterij. Die woensdagavond werd er op de repetitie van het muziekkorps en tijdens de nazit wel al over de brief gesproken. Maar het bleef spannend voor de vrouwen omdat ze iets vroegen waarmee het bestuur het in eerste instantie niet eens was.

Op de najaarsvergadering die vrijdag mochten de vrouwen zelf niet aanwezig zijn, want ze waren immers geen formeel lid van de schutterij. Mam is er dus niet bij geweest, maar het lid worden van de vrouwen is wel besproken en in stemming gebracht. Veel vrouwen hadden thuis, soms al flink, moeten praten om duidelijk te maken aan hun man dat het voor hen toch echt belangrijk was om volledig mee te gaan doen bij de schutterij.

Uiteindelijk stemde 100% van de leden in met het voorstel om vrouwen als officieel lid toe te laten bij schutterij St. Catherina. Dit was bijzonder! Maar ook omdat sommige mannen  in een lager zestal moesten gaan schieten omdat er vrouwen waren die beter schoten. Veel mannen hebben zich achteraf ook richting de vrouwen verontschuldigd; vrouwen hadden al veel eerder toegelaten moeten worden.

In 1999 kreeg de schutterij nieuwe uniformen en werd de marketenstersgroep toegevoegd. De marketensters werden ook lid van de schutterij.

Tijdens het OLS in 2006 bij Sint Catharina Stramproy bestond de naam ‘Oud-Limburgs Schuttersfeest’ 100 jaar. Vanwege die speciale gelegenheid bezochten koningin Beatrix en kroonprins Filip van België het OLS. Mam had toen als marketenster speciale taken bij het begeleiden van de Koninklijke Hoogheden waar ze nog met veel plezier aan terug denkt.

1989  Mia met echtgenoot Lei en zoon John
2006  Interview op het OLS door L1.   Bron: familie-album

Voor al haar vrijwilligerswerk ontving Mia Versteegen-Aendekerk in 2007 de Onderscheiding Lid in de Orde van Oranje-Nassau.

Een greep uit haar maatschappelijke bijdrage:

  • 1981 – 1991  Lid van de werkgroep agrarische vrouwen LLTB als contactpersoon van de afdeling Stramproy
  • 1983 – 2007  vrijwilliger en tot 1995 bestuurslid (en drie jaar vice-voorzitter) van ZijActief Stramproy; hulp aan het vervaardigen van nieuwe vaandel, volksdanskleding en zwarte pietenpakken; daarnaast veel hand- en spandiensten
  • 1984 – 2007  actief lid en sinds 1992 voorzitter van het Damescomité van Fanfare St. Willibrordus; opstarter jaarlijkse wandeltocht, hobbymarkt, levende kerststal, kaartenactie en pompoenactie
  • 1985 – 1991  lid steunfractie CDA Stramproy
  • 1991 – 1994  lid fractie CDA
  • 1994 – 1997  gemeenteraadslid voormalige gemeente Stramproy
  • 1995 – 2007  actief lid schutterij St. Catharina; medeorganisator van het OLS Stramproy in 2006; betrokken bij organisatie Bondsfeesten 1998 en 2005 en het 500-jarig bestaan in 1999; oprichter van de marketenstergroep; initiatiefnemer voor lidmaatschap voor vrouwen; organisator kienavonden, barbecues en fietstochten; hulp bij verzorging uniformen; lid kascontrolecommissie.

Bron: interview Hilde van Dael met haar moeder Mia Versteegen-Aendekerk in november 2024 over vrouwenemancipatie in Stramproy; bovenstaand het gedeelte over schutterij St. Catharina.

Marketensters; rechts Mia Versteegen; bron: familie-album

Terug naar overzicht schutterijen

Terug naar overzicht

Dames bij VV De Zoatmaale

Klik voor meer info

  • VV de Zoatmaale
  • Jeugdprinses Riny Schreurs

VV de Zoatmaale

Vastelaovendj in Stramproy was vanaf de oprichting na de Tweede Wereldoorlog een typisch ‘mannending’.  De mannen trokken van café naar café. De mannen waren lid. Hun vrouwen de steun op de achtergrond die bij jubilea van hun man werden geroemd “dat ze zo goed zorgden” en dat “de sjoon zeen gepoetstj en het pak klaorhingtj…”. Tot de jaren ’80 zorgden de vrouwen er vooral voor dat de mannen op tijd een goede bodem in hun maag hadden (vaak boterham en eieren met spek) om de dagen goed door te komen.

Met het benoemen van Yvonne Munnecom als voorzitter van het vrouwencomité in de jaren ’90 werd de rol van de vrouwen gelijkwaardiger en begonnen wat typische mannen-tradities enigszins mee te bewegen. In het begin via ‘nagesprekken’ thuis, maar steeds meer meteen samen in overleg en samen aanpakken.

Spiegel voorhouden

Het idee achter vasteloavendj is dat – door het volk of een nar – een spiegel werd voorgehouden aan de zittende macht en dat met humor speldenprikken werden uitgedeeld om tradities ter discussie te stellen.

En zoals ‘de Zoatmaale’ dat deden bij het gemeentebestuur (bij de machtsoverdracht kregen ze drie dagen de sleutel) deden de vrouwen dat binnen de vereniging ook.

Riek Klaessen-Gijsen was in 1991 prinses met haar man Peter Klaessen bij ‘VV de Zoatmaale’. Riek stelde in 1991 voor om via de ‘wins van de prins’ elk jaar één traditieonderdeel ter discussie te stellen. Destijds puilden alle cafés nog uit. ‘De Zoatmaale’ konden op zondag in de dorpscafés niet binnen en zaten dus vooral bij ‘Sjroete Joep’ en ‘Hense Koeëb’. Om toch contact te hebben met optochtdeelnemers en vastelaovendjvrinj werd op zondag het optochtbal bij ‘de Lits’ (Van Loon) ingevoerd.

Steeds meer vrouwen waren actief en droegen bij aan de activiteiten van ‘de Zoatmaale’. Het optochtcomité met onder andere Cor Verkoelen en Mat Keijers nodigde als eerste vrouwen uit als gelijkwaardig comitélid. De organisatie en presentatie van de Wichter-middag werd al jaren door zowel mannen als vrouwen opgepakt. Bij de Leedjesaovendj ging het ook niet om man of vrouw, maar of je kon zingen of goede teksten schrijven.

Bij de Boontje Aovendje waren vrouwen altijd al welkom en werden sommige vrouwen toneelmeester.

Een groepje uit ‘de Zoatmaale’ (Mat Creemers initiatiefnemer, Sjaak en Riek Gijsen, René Maes en Peter Steyvers) vormden enige tijd het clubje ‘het Statuut’. Zij organiseerden Ezelstreek: bomvolle middagen met humoristische gedichten en een bronzen, zilveren en gouden ezel voor de stomste streken van het jaar. Daarnaast organiseerden zij met veel tamtasie drie jaar de succesvolle en hilarische zitting voor alleen ‘Rooise Vrouwen’, allemaal gekleed in het rood. Bij het feesten was helder dat vrouwen niet onderdeden voor de mannen.

Elk jaar stond bij de prins en adjudant een verlicht felicitatiebord in de tuin. Totdat bij prins Johan Craemers en adjudant Bart Kwaspen ‘s nachts een bordje was toegevoegd: ‘prinses Annemarie’ en ‘adjudante Chantal’. Pas een jaar later bleek dat Riek hierachter zat. Het doel was bereikt: daarna stond op de borden ‘Prinsepaar’ met beide namen.

Vanaf de start stonden alleen de mannen op de officiële prinsenfoto’s. Maureen was in 2008 de eerste vrouw die naast Paul op de voorpagina van de Vastelaovesgezet stond. En nog een stapje vooruit: vanaf Mariëlle in 2016 werden ook de prinsessen met naam vermeld. Nu de officiële prinsegallerie nog, daar staan de mannen tot heden nog alleen.

Verbinding in barre tijden

Inmiddels zijn de taken bij de Zoatmaale gewoon verdeeld over mannen en vrouwen.     Samen hebben ze onder andere tijdens de coronajaren met lockdowns en veel eenzaamheid hun best gedaan om onderlinge verbondenheid te behouden. Ze organi-seerden een online quiz, waarbij vooraf partyboxen werden bezorgd zodat iedereen thuis via de tv toch onderling contact had. Er was een online muziekactiviteit ’the Masked Singer’ en een podcast met ludiek nieuws uit Rooj. In die barre tijden waren deze initiatieven – waar alle mannen en vrouwen samenwerkten – zeer geslaagd.

Gein Böl Aan

De meidengroep GBA ‘Gein Böl Aan’ vormt al tien jaar een stevige, actieve vriendinnen-groep. Zij maakten op inspiratie van het nummer ‘Tweede Kamer’ van Sophie Straat voor de Leedjesaovendj een lied dat ze een PRINSES willen :).

https://www.youtube.com/watch?v=0W10_ORUxs0 .

Bij ‘de Zoatmaale’ hebben de vrouwen in tegenstelling tot verenigingen in de regio al veel meer inbreng. Maar bij de prinsegalerij en optredens op de bühne gaat het toch nog vooral om de mannen. GBA toont aan dat vrouwen veel meer in hun mars hebben en houdt volgens de vastelaovestraditie ‘de Zoatmaale’ een ludieke spiegel voor. Hoewel wat behoudende mensen begrijpelijkerwijs moesten wennen aan nieuwigheden, werd het lied door het brede publiek enthousiast ontvangen. De toekomst zal het uitwijzen.

Zo blijven ‘de Zoatmaale’ met hun tijd meegaan. Zie ook:  Riny Schreurs 1e jeugdprinses van ‘de Zoatmaale’ 1987

Riny Schreurs (1972) 1e jeugdprinses van ‘de Zoatmaale’ 1987

Jeugdprinses Riny Schreurs 
(bron  foto: https://zoatmaale.nl/ ) 

Riny, dochter van ‘Lei en Annie van de Tup’ (Café de Luifel) was in 1987 de 1ste jeugdprinses van ‘de Zoatmaale’. Haar voorganger was klasgenoot Sem Vaessen. Tot 1987 was het gebruikelijk dat alleen jongens de jeugdvastelaovendj konden voorgaan. Maar blijkbaar hadden ‘de Zoatmaale’ destijds toch al snel gezien dat de goedlachse en opgeruimde Riny gewoon voldeed aan alle eisen: ze was een echte vastelaovendjvierder en graag gezien bij jeugdactiviteiten. Ze was geen muurbloempje en had altijd haar woordje en ideeën klaar. Als onderscheiding zaagde ze zelf trompetjes, haar instrument bij Fanfare St. Willibrordus. Toen ze in tijdnood kwam (alles moest in het geheim) had ze een creatieve oplossing: ze vroeg haar broer Sjaak om hulp voor ‘een opdracht van school’ :).

‘De Zoatmaale’ stelden voor dat ze een meisje naast zich zou vragen; dat werd Wendy Palmen als hofdame. Na Riny kwamen nog de jeugdprinsessen Kim van Loon en Judith van Horne. Alle drie echte gangmakers. Als jeugdprinses leerde Riny om humoristische toespraken te bedenken en voor een grote groep ook uit te spreken. En bij de jeugd-activiteiten zorgde ze ervoor door voorop te gaan dat het ‘vroet’ ging.

Vrouw van de Preens in Bieësel

Die ervaring benutte ze toen ze jaren later prinses werd bij de Belgische buren ‘de Gaaplepels’ met haar man Ruud 1ste . Niet te bang uitgevallen, stelde ze bij de vorst al vóór de start haar voorwaarden: ”We gaan feest vieren en Molenbeersel op de kaart zetten, met iedereen jong en aod same aan. Niet alleen het clubje de Gaaplepels.

Ik ga echt niet ergens zitten kaarten met een zweetbodywarmer aan. Dus dat ‘zilverjasje’ uit en vasteloavendj vere”. Tot dan bleven de vrouwen namelijk meer op de achtergrond en waren buiten hun ledenjasje zelfs niet verkleed. Zelfs het prinsenpaar ging niet verkleed naar de vastelaovendjactiviteit van de lagere school. Hierin heeft Riny gauw verandering gebracht, met een schuine lach dat ze het zogenaamd niet wisten. Tja, in Molenbeersel hebben ze een heel pak aan; ze lieten op school de prins ook niet in zijn onderbroek lopen  . . . .

Het pak werd door de schoolkinderen als geweldig ervaren en de verandering was erdoor. Ook tijdens de vastelaovendjdagen zelf waren de meeste cafégangers niet verkleed. Riny had altijd een potje rode verf bij zich en iedereen in het café die niet verkleed was kreeg een rode neus. Zo van ‘niet verkleed komen is wel verkleed naar huis’. Gevolg steeds meer mensen waren verkleed, want wat zeiden de vrouwen als er rode verf in het kussen hing s’ morgens . . . .

Met haar actie zorgde ze dat zowel mannen als vrouwen zich gingen verkleden en actief gingen meedoen. Riny nam het initiatief voor ludieke toespraken bij recepties, zorgde voor ambiance en verbinding bij de activiteiten en zittingen. Vastelaovendj zorgt voor binding tussen de mensen. Dat moet je koesteren, energie in blijven steken. Riny voerde draaiboeken in zodat niet ieder jaar weer opnieuw het wiel hoefde te worden uitgevonden. Ze was mede een drijvende kracht achter de succesvolle jeugdmiddag: niks te playbacke, liefst alles eerlijk en echt. Haar oogappels waren dan ook jongeren van alle leeftijden, met name haar Bieëselse Bengels die 16 jaar de mooiste stukjes lieten zien die ze hadden geleerd onder haar begeleiding. Ook in heel veel vastelaovesleedjes van Molenbeersel blijft voor altijd de input van Riny en haar man Ruud te horen. Dat muzikale wordt overigens geborgd door haar talentvolle dochters Rianne en Angela.

“D’r is mer eine weeg en det is vroet”

Volgens Riny blijft belangrijk dat verenigingen zich blijven ontwikkelen in een veranderende wereld. En dat gaat niet in een keer, maar is het gevolg van kleine stapjes van actieve mensen, die uiteindelijk zorgen voor de nodige veranderingen.

Terug naar overzicht

Dames bij voetbalvereniging Brevendia

Damesvoetbalclub Brevendia 1988 (Bron foto: Math Creemers) 

Damesvoetbal bij SV Brevendia is gestart in 1980 door Gerard Goossens. Johan Korten en Michael Jacobs namen het later over van Gerard. Mary-Anne Goossens en José Beljaars vonden samen met meer vrouwen de weg naar de Steinakker. Na de komst van trainer Math Creemers deed het vrouwenvoetbal een stap naar voren. Truus Moonen-Clerkx was ook een van de eerste leden. Ze vertelt dat de bestaande elftallen in het begin moesten wennen aan vrouwen in de club. Wedstrijdtijden voor alle elftallen lagen al vast, dus er was bij de start wat gedoe om op enigszins redelijke tijden een veld voor een wedstrijd te kunnen regelen. Gemmie Pleunis herinnert zich dat een scheidsrechter serieus vroeg hoelang een vrouwenwedstrijd duurde en de bal bij een penalty op 9.15 in plaats van op 11 meter legde. Maar dat deed niet af aan de inzet van de dames. Gemmie voetbalde later in een seniorenmannenteam.

De dames waren al snel ingeburgerd bij SV Brevendia. Math Creemers zette zich met veel energie in om de positie van het vrouwenelftal onder de aandacht te krijgen en om ook vrouwenzaken geregeld te krijgen zoals trainingen, wedstrijden en scheidsrechters. Truus vertelt dat de club waspoeder sponsorde, maar net als bij andere elftallen moest het team zelf de kleding wassen. Yvonne Munnecom was destijds de enige vrouw in het bestuur. Tiny Ramaekers was contactpersoon tussen bestuur en het damesteam.

In de beginjaren was het pionieren. We hebben ooit in het zuiden gevoetbald, waar we na de wedstrijd geen douches hadden, maar een soort drinktroggen in iets wat meer op een kippenhok leek. Apart: de speelsters van Stadbroek haalden een kam onder de kraan door, kamden hun haren nat naar achter en gingen zonder te douchen richting kantine  . . . Gemeenschappelijk kenmerk van de vroulje die voetbalden: ‘niet miepen, vroet!’ en elkaar door moeilijke momenten helpen. Henk Hendrikx, Sjaak en Geer Peeters, Ruud Maes, Jan Steijvers en vele anderen stonden de dames bij als hulptrainer, leider e.d. En hoewel Math geregeld verzuchtte dat nét als hij een sterk elftal had, er dan altijd wel weer iemand zwanger raakte. Maar de vrouwen werden tweemaal kampioen (1985 en 1988) en ze promoveerden in 1988. De spelersbus werd bij de grens opgewacht door de fanfare en er volgde een heel gezellige receptie waar veel andere verenigingen een ludiek woordje tot de vrouwen richtten en Yellow Bikini bij ‘Sjroete Joep’ uit de boxen klonk. Door Kwaspen heeft de felicitatiebrief van burgemeester Beckers nog altijd bewaard. In 1990 werd het tienjarig bestaan van het damesvoetbal gevierd bij Van Loon.

Er waren mogelijkheden om cursussen te volgen om trainingen te kunnen geven, maar veel vrouwen voelden zich daar in het begin niet meteen zeker genoeg voor. Truus Moonen-Clerkx en Truus Heijlen-Stals (‘Tru van Reinkes’) durfden het aan. Truus Moonen trainde eerst de teams van haar zonen, maar heeft daarna heel succesvol het meisjesteam van haar nichtjes Anne en Lise getraind. Er kwam een 2e damesteam in combi met de vrouwen van Altweertheide (BAC Brevendia Altweerterheide Combinatie). Het meisjesvoetbal kwam op. Zeker toen het ledenaantal van de club wat stokte, waren de meisjes uiteraard zeer welkom. Een enkeling voetbalde mee in een jongensteam, maar er was ook een meisjesteam.

De meiden waren niet te bang, er was altijd een prettige sfeer. Zelfs als ze verloren hadden, deden ze op handen en knieën een modderpolonaise. In 2002 werd dames II kampioen. Trainers naast Truus waren onder andere Jack Mans, André Lasut, John ?. In 2008 speelden de E-meisjes in Amsterdam in de landelijke finale van het straatvoetbal.

In 2026 is er een vrouwenteam plus meisjes <17 en meisjes < 11. Er zit toekomst in!

Terug naar overzicht

Dames bij de Handbalvereniging

Handbalvereniging Stramproy werd rond 1980 opgericht. Vanaf het begin droegen alle leden bij aan het draaiend houden van de club: trainen, organiseren, fluiten, schoon-maken. Iedereen deed mee. Er was geen verschil tussen mannen en vrouwen; samenwerken was normaal. De vereniging groeide uit tot een plek waar sport, vriendschap en gelijkwaardigheid vanzelfsprekend waren.

Inhoud:

  • Rond 1980: de handbalvereniging wordt opgericht
  • De beginjaren: een snelle groei
  • Jaren ‘90: meerdere succes, Limburgs kampioen
  • Rond 2000: de training voor de jeugd stopt tijdelijk
  • 2026: vrijwilligers blijven actief

Rond 1980: de handbalvereniging wordt opgericht

“Een vereniging kan niet draaien zonder vrijwilligers.”
Deze uitspraak van Toos Sniekers is de basis van de handbalvereniging. Vanaf de oprichting rond 1980 hebben vrijwilligers zich met veel enthousiasme ingezet om de club op te bouwen en draaiende te houden.

Jaren ’80 handbal Bron foto: uit archief Toos Sniekers

De beginjaren: een snelle groei

In de beginperiode maakte de handbalsport binnen de vereniging een snelle groei door. Alles werd georganiseerd door vrijwilligers. Trainers hadden vaak nog weinig ervaring, maar volgden cursussen om de spelregels goed te leren kennen en goede trainingen te kunnen geven. Zij stelden zelf complete lessen samen, inclusief warming-ups, techniektrainingen en spelvormen. Tot de leeftijd van tien à elf jaar speelden jongens en meisjes samen in één team. Naast de jeugd was er ook aandacht voor senioren en recreanten.

Lesvoorbereiding handbal Bron: archief Toos Sniekers

Jaren ‘90: meerdere succes, Limburgs kampioen

Aan het einde van de jaren negentig beleefde de vereniging een succesvolle periode.

Het team werd meerdere keren Limburgs kampioen. In deze jaren kwamen er ook professionele trainers naar de club, waaronder Carla Kleintjes en Ed van Amen.

Hun ervaring en begeleiding zorgden voor verdere ontwikkeling van het niveau binnen de vereniging.

Rond 2000: de training voor de jeugd stopt tijdelijk

Rond het jaar 2000 stopte de jeugdafdeling tijdelijk, terwijl de recreanten wel actief bleven handballen. Later werd het jeugdhandbal opnieuw opgepakt en kwamen er weer trainingen voor jonge spelers.

Voor veel vrijwilligers lag het mooiste aspect van de vereniging bij het trainen van de kinderen. De trainingen waren actief en plezierig: kinderen konden lekker rennen, sporten en samen spelen. Er waren duidelijke grenzen en tijdens de trainingen luisterden de kinderen goed. Problemen met kinderen of ouders kwamen nauwelijks voor.

Handbal Limburgs kampioen 1998 Bron foto: archief Toos Sniekers

Nu: vrijwilligers blijven actief

Mannen en vrouwen bleven en blijven binnen de vereniging actief, op verschillende gebieden, zoals:

  • training geven
  • scheidsrechter zijn
  • bestuurswerk uitvoeren
  • wedstrijden organiseren

Dankzij de inzet van vrijwilligers, spelers en ouders heeft de vereniging door de jaren heen veel kunnen betekenen voor sport en saamhorigheid binnen de gemeenschap.

In Handbalvereniging Stramproy maken mannen én vrouwen samen het verschil. Er wordt niet gekeken, vanaf het begin, naar wie wat doet, maar naar wat er samen bereikt kan worden, wat nodig is. Die vanzelfsprekende samenwerking geeft de vereniging haar kracht, sportief, eerlijk en met hart voor elkaar. Zo hoort het.

Bron: interview met Toos Sniekers door Silvie Smeets, 2026

Terug naar overzicht